|
03-06-2011
Rij-impressie | Ford Focus
Wereldwijd is de Focus sinds de introductie in 1998 het belangrijkste en
meest succesvolle model van Ford, en daar wordt met de Focus III nog
eens een schepje bovenop gedaan. Met zuiniger motoren, een sportiever
design en nog betere rijeigenschappen ‘tovert’ Ford weer een goede
compacte middenklasser tevoorschijn.

Als je er in twaalf jaar tijd tien miljoen van hebt verkocht, zou je als
Ford Motor Company anno nu kunnen denken: zo’n derde generatie Focus,
gaan we daar weer mee scoren? De concurrentie in het segment van de
compacte middenklassers heeft immers niet stilgezeten en pakt successen.
En de gemiddelde automobilist lijkt door onder meer belastingvoordelen
en milieu-gevoelens (lees: hybride) steeds minder merkentrouw. Niets van
dat alles. Ford ‘reageert’ met zuiniger motoren, een lage CO2-uitstoot
(alle 1,6-motoren, vier benzines en twee diesels, hebben het A-label) en
zet stevig in op veiligheid. Kortom, de derde generatie Focus, met een
vierdeurssedan en vijfdeurshatchback, staat in april in de showrooms. En
de Wagon beleeft zijn Nederlandse debuut diezelfde maand tijdens de
AutoRAI.
 De nieuwe Focus duikt het C-segment weer in met een uitgebreid
motorenassortiment met onder meer de 1,6-liter Ecoboost-benzinemotor met
turbo en directe inspuiting, qua diesel komen we de (verbeterde)
Duratorq TDCi commonrail-dieselmotoren in de brochure tegen. Elektrisch?
Nog even niet. De e-Focus is volop in ontwikkeling in Michigan en zou
volgend jaar zijn intrede moeten gaan doen in Europa, maar om daar als
Ford nu al publicitair de uhm … focus op te richten, nou nee. Eerst die
benzine- en dieselversies maar eens slijten. Het verbruik is omlaag
gebracht door onder meer het start-/stopsysteem toe te passen bij de
turbomotoren.
Kijken we naar het uiterlijk, dan valt direct op dat-ie smaller (nu 1,82
meter), lager (nu 1,48 meter) en langer (4,36 meter) is dan het vorige
model. De wielbasis is iets toegenomen (8 millimeter) en bedraagt nu
2.648 millimeter. De ‘knik’ aan de onderzijde aan de beide zijkanten
maakt ’m in de lijn sportiever en de grotere ondergrille, tja, smaken
verschillen. Ook de achterkant hebben de heren designers duidelijk onder
de loep genomen en onder meer de hoge, grote achterlichten een nieuwe
vorm gegeven.

Gamecomputer
Kort iets over het interieur: de midden-console deed ons in eerste
instantie vermoeden een nieuwe gamecomputer bij de auto cadeau gekregen
te hebben. Als we dat deel van de cockpit naast de vorige in de Focus II
zien, zouden we die versie nu al zowaar retro kunnen noemen. De
vernieuwde middenconsole is behoorlijk hightech, maar dus ook druk, veel
en onoverzichtelijk daardoor. Praktisch: de handrem is naast de
versnellingspook geplaatst. De 5-sterren Euro NCAP-classificatie is in
the pocket: Ford zet flink in op veiligheid. Natuurlijk, ESP, ABS, EBA,
rondom airbags, het is er allemaal en er is voor het chassis nog volop
hogesterktestaal gebruikt ook, maar een ander goed voorbeeld is PIP, dat
werkt tegen ‘binnendringende pedalen’. Als er sprake is van een
aanrijding, worden automatisch de pedalen teruggetrokken, om zo voeten
en enkels te beschermen. Verder is er optioneel dodehoeksignalering,
verkeersbordherkenning en doen allerlei sensoren hun werk om ons als
automobilist bij de les houden. Zoals gezegd, veiligheid troef.
AutoWeek stuurde de Duratorq 2,0-literturbodiesel van 163 pk met
automaat (de Powershift met dubbele koppeling, zestraps) een klein
uurtje over het test-circuit van Bridgestone in Italië.
 Dat deden we op
de ‘binnenbaan’, die vooral uit de meest uiteenlopende bochten bestaat,
en dat deden we ook niet zonder reden: het was onze nieuwsgierigheid
naar het nieuwe Torque Vectoring Control-systeem en de door Ford zo
geprezen stabiliteit en wendbaarheid van de Focus III. TVC, dat
overigens tot de standaarduitrusting behoort, zorgt ervoor dat in een
bocht het binnenste wiel steeds een fractie wordt bijgeremd. Lekker
sturend met al die bochten op het testcircuit, zijn we daar absoluut
enthousiast over. Het onderstuur is ver weg, aan de andere kant is toch
ook de scherpte er wat van afgevijld. Wat ook opviel is dat de auto
minder direct en sportief aanvoelt en veel gemoedelijker. Van een harde
vering en demping is geen sprake, de Powershift met dubbele koppeling
doet uiterst soepel wat-ie moet doen en ten opzichte van de vorige Focus
merken we in deze diesel beduidend minder van rij- en windgeluiden.
 De
besturing is elektrisch en eerlijk is eerlijk, over het weggedrag niets
dan lof.
De nieuwe Ford Focus scoort sowieso op veel punten een ‘goed’, eigenlijk
is deze derde generatie op geen enkel punt ‘onvoldoende’ te noemen. Dat
geldt ook voor de prijsstelling. De vanafprijzen die Ford ons
presenteert, zijn € 19.745 voor de 105 pk sterke 1,6-liter Ti-VCT
benzinemotor en € 23.245 voor de 95 pk sterke TDCi dieselmotor. Dat is
ten opzichte van concurrenten als de VW Golf en Opel Astra zeker
aantrekkelijk te noemen. Voor het C-segment heeft de Focus bovendien de
meeste 20-procent-modellen. Maar liefst 18 uitvoeringen komen in
aanmerking voor die fiscale bijtelling, waaronder zelfs de krachtige 182
pk sterke Ecoboost. En nu is het stiekem wachten op de RS …
Bron | Autoweek |
Tekst: Robert van den Ham | Foto's: Media Ford

terug overzicht
Ford Focus nieuws terug
naar begin |